In de nacht van 21 naar 22 juli het laken opgehangen en de lichtval ruim verderop geplaatst. Het was 16 graden en dat bleef ongeveer de hele nacht hetzelfde. Er werden 31 nachtvlindersoorten (11 micro en 20 macro) waargenomen. Zoals te verwachten in de lichtval ruim minder soorten dan op het laken (ongeveer 25% van het laken). Kleine huismoeder was een soort die ik slechts twee keer eerder vanaf 2019 heb waargenomen.
Op deze vrijwel windstille avond (16-7) met bewolking het laken opgesteld en in de buurt een lichtval geplaatst. Het leverde 45 soorten (30 macro & 15 micro) nachtvlinders op met twee nieuwe macro soorten, te weten Gestippelde rietboorder, Zwartvlekdwergspanner en en drie micro soorten (Oranjemospalpmot, Sparrenscheutboorder en Streepzaadvedermot). Terwijl op de geopende bloemen van de Teunisbloem in de schemering veel Gamma-uilen aan het foerageren zijn begon ik met nachtvlinderen.
Was een bewolkte dag waarbij de temperatuur aan het begin van het nachtvlinderen ongeveer 18 graden bedroeg en windstil. In totaal 38 soorten nachtvlinders (27 macro en 11 micro. Twee nieuwe soorten, namelijk Geveerde spikkelspanner en Pinguintje. Opvallend hoog aantal microvlinders, vooral Eikenlichtmot en Rode eikenlichtmot. Verder veel Gamma-uilen.
Op twee plekken (laken en lichtval) in- en naast de tuin waargenomen. Wat opvalt is dat je met de lichtval andere soorten in de val aantreft dan op het laken. Bijna 16% (6 soorten) van de soorten werd alleen in de lichtval waargenomen.
Met de lichtval zeven soorten in totaal. Tweestreepvoorjaarsuil nog steeds aanwezig met vier exemplaren. De eerste tandvlinders dit jaar, namelijk drie exemplaren van de Maantandvlinder. Verder twee exemplaren van de Aangebrande spanner.
Vrij warm weer deze avond. Het leverde in de lichtval ruim 33 individuen op. Geen micro’s, maar zeven soorten macro nachtvlinders. De Variabele voorjaarsuil was met 15 exemplaren het meest vertegenwoordigd.
De lichtval opgesteld op de avond van de tweede warme dag in februari. Het leverde vier macrosoorten op namelijk Kleine voorjaarspanner, Wachtervlinder, Bosbesuil en Tweestreepvoorjaarsuil. Verder 1 Voorjaarsbladroller.
Vanaf half juli 2019 ben ik met het inventariseren van nachtvlinders in mijn tuin begonnen. De eerste jaren werden er elk jaar uiteraard veel nieuwe soorten voor de tuin gezien. De laatste paar jaar lijkt dit aantal af te nemen. In 2025 werden 165 soorten waargenomen, waarvan slechts 12 nieuwe soorten macrovlinders, het laagste aantal vanaf 2019. De soorten die in enige aantallen werden waargenomen waren Huismoeder, Zwarte-c-uil, Gewone worteluil en Puta-uil. De prachtige Diana-uil met zeven exemplaren gaf letterlijk kleur aan de waarnemingen. Microvlinders: 291 individuen en 69 soorten werden waargenomen. Kardinaalsmutsstippelmotten, Vogelkersstippelmotten, Rode eikenlichtmotten en Eikenlichtmotten werden het vaakst waargenomen. Er werden minder Buxusmotten en Groene eikenbladrollers dan in 2024 gezien.
Het laken werd 24 keer opgesteld, de lichtval 11 keer en de led-emmer 5 keer. Vanaf 2019 zijn er nu in de tuin 283 macrosoorten en 120 microsoorten geteld.
Een vakantie in mei vorig jaar in het gebied van de Tarn (Zuid-Frankrijk) heeft geleid tot een onbedoelde introductie van een tiental rupsen van de Veelvraat (nachtvlinder) in Nederland. Een kort verhaal dat in januari 2025 is verschenen in het blaadje van de KNNV-IVN van Noordwest Overijssel is te lezen in de bijlage.
Half juli 2019 begon ik met het inventariseren van nachtvlinders in mijn tuin (LED-emmer en laken). In 2024 werden 195 soorten waargenomen, waarvan 36 nieuwe soorten macrovlinders. Meer dan in 2023, toen konden slechts 22 nieuwe soorten worden bijgeschreven (zie grafiek). De soorten die met enige aantallen werden waargenomen waren Gele eenstaart, Grijze stipspanner, Hagendoornvlinder, Huismoeder, Maantandvlinder, Puta-uil, Zilveren groenuil en Zwartkamdwergspanner. Er werden veel Rode eikenlichtmotten waargenomen. In tegenstelling tot vorig jaar werden minder Buxusmotten en Groene eikenbladrollers waargenomen.
Dit jaar viel het grote aantal tandvlinders (Notodontidae) op, vaak meerdere exemplaren per soort. Enkele nieuwe soorten van dit jaar zijn bijvoorbeeld de Diana-uil, Gevlekte groenuil, Herfst-rietboorder, Katoendaguil, Lindegouduil, Windepijlstaart, Vliervlinder, Zomervlinder, Witvlakvlinder, Gekraagde grasuil en een Appelglasvlinder.
Totaal waargenomen aantal macro-nachtvlindersoorten per jaar in de tuin.
Voor het Landelijke meetnet werden 14 maal de Led-emmer in de tuin geplaatst. Er werden in totaal 100 nachtvlinders (micro’s en macro’s) waargenomen, verdeeld over 49 soorten.
Met de lichtval in totaal vijf soorten macro nachtvlinders. De temperatuur bleef door de bewolking redelijk in stand met ongeveer 8 graden. Weinig wind en en enkele kleine regenbuien. Aanwezig in en op de lichtval: Grote wintervlinder, Herfstspanner complex, Zuidelijke stofuil, Najaarsspanner en Zwarte herfstspinner (Poecilocampa populi). De laatste soort zag ik een keer eerder in 2019. Na vijf jaar weer een exemplaar in de tuin.